Competentie ‘medisch leiderschap’ gedefinieerd

Als het aan de makers van het nieuwe competentieprofiel medisch leiderschap ligt, zullen alle artsen voortaan leren een leider te zijn. Dat betekent niet dat ze allemaal manager of bestuurder worden, maar dat ze ‘verandering in de gezondheidszorg mogelijk maken middels zichzelf, anderen en de maatschappij’.

Het competentieprofiel is ontwikkeld door arts-onderzoekers van de Universiteit Twente (UT) en het Platform Medisch Leiderschap (PML) en is deze week onder de naam Raamwerk Medisch Leiderschap 1.0 (RML 1.0) gepresenteerd aan vertegenwoordigers van de beroepsgroep. Het beschrijft twaalf aspecten van medisch leiderschap, waaronder leiden vanuit visie, persoonlijke ontwikkeling, voorbeeldgedrag, ondernemen en innoveren, verantwoordelijkheid nemen, invloed uitoefenen en verbinden. Het profiel sluit aan bij het internationale CanMeds-model, dat ook alle medische (vervolg)opleidingen in Nederland hanteren en waarin ‘leiderschap’ recentelijk is opgenomen.

Doel van het competentieprofiel is om het veelgehoorde begrip ‘medisch leiderschap’ eenduidig te definiëren en praktisch toepasbaar te maken in Nederland, zegt huisarts Sietse Wieringa, lid van de Werkgroep RML. ‘Veel mensen denken meteen aan management, maar in onze visie gaat het om een basishouding die alle artsen moeten hebben. Het gaat erom dat ze zich verantwoordelijk gaan voelen voor de organisatie van de patiëntenzorg en hun sterke punten bewust inzetten voor de verbetering daarvan.’

Wieringa en collega’s hopen dat het competentieprofiel richting kan geven aan de discussies over medisch leiderschap die overal in de beroepsgroep al plaatsvinden. Het is niet hun bedoeling dat het profiel ‘in beton wordt gegoten’. ‘We hebben het met opzet RML 1.0 genoemd.’

Lieke de Kwant @liekedekwant

Lees meer in Achter het Nieuws: Medisch Leiderschap voor dummies

 

Online gepubliceerd op: 16 september 2015